• Lantaarntje

    Lantaarntje
    Vrouwtje.
  • Lantaarntje

    Lantaarntje
    Jong mannetje.
  • Lantaarntje

    Lantaarntje
    Vrouwtje.
  • Lantaarntje

    Lantaarntje
    Jong mannetje.
    Ischnura elegans

    Algemeenste libel van Nederland.

    Herkenning

    30-34 mm. Achterlijf in bovenaanzicht geheel donker, met segment 8 licht gekleurd (het ‘lantaarntje’). Pterostigma’s tweekleurig: donkere basis, lichte top. Mannetje: lichte delen op borststuk eerst groen, daarna blauw. Kleur van het lantaarntje altijd hemelsblauw (bij uitgekleurde dieren). Vrouwtje: ingewikkelde variatie in de lichtgekleurde delen. De kleur van het borststuk kan groen, blauw, paars, oranje of bruin zijn. Sommige kleurtypen lopen in elkaar over naar gelang het dier ouder wordt. Het ‘lantaarntje’ is bij sommige typen bruin in plaats van blauw en daardoor minder opvallend.

    Verspreiding

    Zeer algemeen.

    Habitat

    Vrijwel alle zoete watertypen, soms ook in brak water. Heeft van alle Nederlandse soorten de minst uitgesproken habitatvoorkeur. Vooral algemeen in voedselrijk, helder water met gevarieerde oevervegetatie. Duidelijk minder algemeen in zure wateren.

    Vliegtijd en gedrag

    Eind april tot begin oktober. Grootste aantal tussen eind mei en eind augustus. Lantaarntjes zijn meestal langs de waterkant in de oevervegetatie te vinden, soms in grote aantallen. Ook de pas uitgeslopen dieren blijven doorgaans in de nabijheid van het water. Bij bewolkt of zelfs regenachtig weer zijn lantaarntjes vaak de enige libellen die nog rondvliegen tussen de vegetatie. Ei-afzet vindt plaats in allerlei planten. Vaak betreft dit drijvende, dode plantendelen, maar levende en boven het water uitstekende planten worden ook gebruikt. Het vrouwtje zet de eitjes doorgaans solitair af, dit in tegenstelling tot de meeste andere juffers. Soms verdwijnt ze hierbij onder water.

    Levenscyclus

    Larven overwinteren een keer. Het uitsluipen gebeurt gedurende een lange periode. In sommige jaren begint het al in eind april en gaat het door tot in september. De meeste verse imago’s worden echter gevonden tussen eind mei en eind augustus. De levenscyclus kan soms waarschijnlijk ook binnen een lente en zomer worden afgerond, zodat een tweede generatie optreedt. In andere landen is dit bewezen en in Nederland komt het waarschijnlijk ook voor.

    Specificaties

    Deel dit artikel

    Hoogsteen.nl

    Amateurfotografie


    Flickr

    Ontdek meer van
    Hoogsteen.nl op Flickr.

    Twitter

    Volg Hoogsteen.nl
    op Twitter.

    Youtube

    Het Hoogsteen.nl
    YouTube kanaal.

    Weer

    Weerstation
    Surhuisterveen Centrum.